Menu Sluiten

Kaaskop koekeloert bij de zuiderburen: Brussel/Bruxelles

Brussel of Bruxelles? Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ligt prachtig als enclave in de Nederlandstalige provincie Vlaams-Brabant, maar toch spreekt het grootste deel van de Brusselse bevolking Frans. Op nog geen twee meter rijden vanuit Eindhoven voelt het dus net aan alsof je in een soort mini-Parijs bent. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest telt 1,2 miljoen inwoners en is het grootste stedelijke gebied van onze zuiderburen. Het gewest is onderverdeeld in 19 gemeenten die elk hun eigen karakteristieke eigenaardigheden hebben.

Brussel is gemakkelijk te bereiken met de auto. Echter is het openbaar vervoer veel efficiënter. De Intercity Direct brengt je vanaf Amsterdam, Rotterdam of Breda direct naar de Belgische hoofdstad en vanuit hier werkt het Brusselse openbaar vervoer prima. In ieder geval voor Belgische standaarden, want het OV in Brussel sluit nauwelijks aan op het OV in Vlaanderen (De Lijn).

Zelf heb ik Brussel nog nooit écht kunnen bezoeken, maar een overstap op de trein in Brussel-Noord en het bezoeken van Brussels Airport-Zaventem – dat overigens in Vlaanderen ligt – stonden zeker nooit in de weg. Toch hoor ik veel positieve verhalen over de Belgische én (onofficiële) Europese hoofdstad van mijn ouders en Belgische vrienden, dus waag ik het er maar op om een blog toe te wijden aan deze tweetalige metropool. Daarnaast staat een tweede masterstudie aan de KU Leuven op een gedeelde nummer 1 op mijn lijstje, dus moet ik me alvast mentaal voorbereiden op het potentiële leven als Belg.

Nu spreek ik ook maar weinig Frans en kan ik me amper verstaanbaar maken in die taal. Kan ik me in het Nederlands en Engels ook voldoende redden in de stad vol honderden culturele achtergronden? Het is hopelijk een stad die zich niet schizofreen gedraagt, maar in harmonie functioneert als het tweetalige hart van de Europese Unie. We zullen in dit blog de leukste en gekste bezienswaardigheden verkennen, dus laten we beginnen met de vijf leukste to-do’s in Brussel.

Grote Markt

De Grote Markt vormt vaak het beginpunt van je stedentrip in Brussel. De gebouwen die op de Grote Markt staan, zijn op de UNESCO Werelderfgoedlijst geplaatst. Sommige voormalige hallen en gildehuizen dateren zelfs terug uit de 15e eeuw. De meeste gebouwen zijn in 1695 bijna totaal verwoest na een drie dagen durend bombardement door het Franse leger, maar zijn niet veel later weer herbouwd. Het plein staat nog steeds te fonkelen als nooit tevoren. De toren van het imposante Stadhuis is 96 meter hoog.

De Grote Markt ligt in het midden van de Vijfhoek/le Pentagone, welke het Brusselse stadscentrum vormt. De Kleine Ring (R2) rond Brussel ligt om de Vijfhoek heen en sinds dit jaar (2020) is de maximumsnelheid in de gehele Vijfhoek 20 km/h. Het wordt een echte wandelstad! De Vijfhoek heeft binnen haar grenzen ook prachtige kathedralen, zoals de Sint-Michielskathedraal. Door het internationale karakter van Brussel zijn er ook veel rommelmarkten te vinden in de stad. De overwegend Afrikaanse bevolking brengt een gezellige sfeer mee naar de stad en zijn markten. Iets ten oosten van de Grote Markt ligt het Parc de Bruxelles met het Koninklijk Paleis van België. Wat een prachtplaatje! Kun jij het Belgische koningspaar spotten?

Het Atomium en Bruparck

De Brusselse variant van de Eiffeltoren doet waarschijnlijk een beetje karig aan, maar het is dan ook wel een oud maar spectaculair bouwwerk van de Wereldtentoonstelling van 1958. Het imposante bouwwerk ligt in het Brusselse Bruparck (Heizel) en hier zijn ook het Planetarium te vinden en het openluchtmuseum over de Europese Unie, Mini-Europa. Hier staan 350 miniatuurgebouwen van 80 grote Europese steden. Dus als je zoals ik nog nooit in Madurodam bent geweest, is dit parkje wel grappig om een keer te bezoeken. Maar niks is zo opvallend als het Atomium, dat in de jaren vijftig door de ontwerpers André Waterkeyn en Jean Polak werd gebouwd.

Ze kozen ervoor om het atoommodel van ijzer – uit mijn hoofd is dat het symbool Fe uit de scheikunde lessen (??) – maar liefst 165 miljard keer te vergroten. Ironisch genoeg is het Atomium niet van ijzer gemaakt, maar van aluminium. In de bovenste bol – de Restaurantbol – kun je zelfs eten! Hier heb je een panoramisch uitzicht over Brussel en op kristalheldere dagen zie je zelfs de stad Antwerpen. Er zijn zelfs overnachtingen en tentoonstellingen te boeken. Het Atomium heeft toch wel een streepje voor op het Liberty Statue in New York City, want ik en mijn familie waren echt overtuigd dat ook in haar kroon een restaurant te vinden was. Dan maar eten in het Atomium. Scheelt ook weer een vliegticket.

Manneken Pis en Jeanneke Pis

Misschien heb ik toch een foutje gemaakt met het vergelijken van de Eiffeltoren met het Atomium. Manneken Pis is natuurlijk hét symbool van Brussel. Hoe klein dit standbeeld ook is, en ook hoe klein zijn piemeltje wel is, het is het meest vastgelegde standbeeld van de wereld. Dat moet wel. Het is zo’n gekkig monument dat je er wel een bepaalde vorm voor respect moet ontwikkelen. Manneken pis is te vinden op de hoek van de Stoofstraat en de Eikstraat. Deze staat niet ver van de Grote Markt van Brussel. Wist je dat Manneken Pis niet alleen in Brussel staat, maar ook in andere Belgische steden als Geraardsbergen of Broksele? Ook nooit van die steden gehoord verder, maar je kunt er wel roadtrip op baseren: de Belgische pisroute.

Manneken Pis is niet de enige straatplasser die de Belgische hoofdstad kent. Op initiatief van lokale handelaren is in 1987 Jeanneke Pis neergezet. Het meisje is hier zittend aan het plassen. Op straat. Ik krijg even een déja vu naar de tijd dat we nog konden uitgaan. Onderweg moest ik namelijk ook even de plantjes laten groeien, maar ik kan me niet herinneren dat ik ooit een standbeeld heb gekregen in het midden van Eindhoven centrum. Enfin, naast Manneken Pis en Jeanneke Pis bestaat er nog een plassende hond, het Zinneke. Deze staat op de hoek van de Kartuizersstraat en de Oude Graanmarkt. De naam Zinneke komt voort uit de Zenne en is de scheldnaam voor Brusselaars of bastaardhond. In 2015 werd de arme hond – nog steeds plassend – aangereden door een auto, maar is tegenwoordig weer vrolijk op drie poten aan het staan.

De striphelden van Brussel: kunstwerken in de stad

Brussel blijkt de striptekenaars van onder andere Kuifje, Lucky Luke, De Smurfen en Suske & Wiske geïnspireerd te hebben en daarom hebben de stripfiguren de openbare ruimte weten in te nemen. Ruim 20 jaar geleden werden de eerste afbeeldingen van striphelden aangebracht op Brusselse gebouwen en er is nu zelfs een Stripwandeling Brussel. De route start op het Centraal Station en eindigt op de Grote Markt. Je legt 8,7 kilometer af (z’on vier uurtjes lopen) als je de hele route bewandelt, maar je kunt je ook gewoon laten verrassen tijdens je gespeurneus door de Belgische hoofdstad.

Als je van musea houdt, is het aan te raden om de eerste zondag of woensdag van de maand Brussel aan te doen. Tal van musea zijn dan gratis te bezoeken. Het Speelgoedmuseum, Joods Museum van België, Parlementarium, BELvue Museum en La Fondarie zijn enkele voorbeelden die je eenmaal in de maand gratis kunt bezoeken. Ook minder bekende musea, zoals het Slipmuseum met een collectie slipjes van beroemdheden, hoort bij het Brusselse aanbod. Tja, het ligt er maar aan waar je interesses precies liggen! En musea zijn een prima alternatief op een regenachtige dag. Die striproute is natuurlijk het mooist als de zon schijnt.

Europese wijk

Brussel is natuurlijk dé hoofdstad van de Europese Unie. Er wordt maar vaak naar de stad verwezen in krantenkoppen en veel van de diplomaten van de EU zijn ook in Brussel te vinden. De Europese Buurt van Brussel wordt gekenmerkt door zijn levendige pleinen, groene parken en originele handelszaken. Het Luxemburgplein is het perfecte beginpunt met talrijke terrasjes en restaurantjes. Hier ontmoeten jonge expats uit de EU-instellingen elkaar en dit gebeurt met name op de donderdagavond. Mocht ik in Brussel op kamers gaan, zorg ik ervoor dat ik elke donderdagavond knappe diplomaten/diplomatinnen (?) weet te strikken voor een interessante babbel. Netwerken natuurlijk…. Ook het Jourdanplein, Schumanplein en het Jean Rey-Plein zijn levendige pleintjes waar je je heerlijk kunt vermaken voor de avond.

Mocht je de Europese instellingen echt willen ontdekken, is het mogelijk om gebouwen als het Europa-gebouw, de Caprice des Dieux of het Berlaymontgebouw te bezichtigen. Hier krijg je ontzettend veel informatie over de werkzaamheden van de Europese Unie. Maar een wandeling door de wijk doet je ook al voldoende kennis geven over de prachtige architectuur die de Europese wijk te bieden heeft.

Het aangrenzende Jubelpark is wellicht het mooiste park van brussel. Klassiek aangelegde tuinen en kaarsrechte lanen laten je doen voelen alsof je door Parijs loopt. Aan het eind van de centrale as staat een indrukwekkende triomfboog. Zo eentje zouden ze in Eindhoven ook moeten aanschaffen eigenlijk.

Wie weet worden jullie vanaf september 2021 helemaal volgespamd met blogs over Brussel/Bruxelles en België in het algemeen. Het kan ook zijn dat ik naar Santiago de Compostela of Barcelona vertrek, maar dat zien we dan wel weer. Het zijn allemaal mooie plekken om te verkennen. We zien wel wat de toekomst brengt, maar als ik in mijn toekomstbol kijk – of de bollen van het Atomium – doe ik Brussel zeer zeker aan wanneer het mogelijk is. Hoe ver weg het ook klinkt, ligt de Belgische tweetalige hoofdstad letterlijk om het hoekje. Tot dan/a bientot!

Benieuwd naar andere bestemmingen binnen België? Kijk dan op déze pagina!

Geplaatst in Europa, In de Buurt-Pagina

Misschien is dit ook iets voor jou?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CatalàNederlandsEnglishFrançaisDeutschItalianoPortuguêsEspañol
%d bloggers liken dit: